ECLI:NL:RVS:2015:1207
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen ongeldigverklaring rijbewijs wegens niet meewerken aan alcoholslotprogramma
Het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) heeft bij besluit van 20 juni 2014 het rijbewijs van verzoeker ongeldig verklaard vanwege het niet meewerken aan een alcoholslotprogramma (ASP). Verzoeker maakte bezwaar tegen dit besluit, dat door het CBR bij besluit van 22 augustus 2014 ongegrond werd verklaard. Vervolgens stelde verzoeker beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 30 januari 2015 het beroep ongegrond verklaarde. Verzoeker stelde hoger beroep in en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
Tijdens de zitting op 26 maart 2015 bracht verzoeker naar voren dat hij als uitbater van een horecabedrijf en deeltijd vrachtwagenchauffeur afhankelijk is van zijn rijbewijs om inkomsten te genereren. Hij stelde dat het ongeldig verklaren van zijn rijbewijs hem zou verhinderen om als vrachtwagenchauffeur te werken, waardoor hij zijn horecabedrijf zou moeten sluiten.
De voorzieningenrechter oordeelde dat verzoeker deze stelling niet eerder had ingebracht en onvoldoende had onderbouwd met feiten en omstandigheden. Ook was niet aannemelijk gemaakt dat het horecabedrijf vanwege de situatie zou moeten sluiten. Daarom werd geen spoedeisend belang vastgesteld voor het treffen van een voorlopige voorziening. Het verzoek werd afgewezen en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het besluit tot ongeldigverklaring van het rijbewijs wordt afgewezen.