ECLI:NL:RVS:2015:1221
Raad van State
- Hoger beroep
- C.J. Borman
- A. Hammerstein
- C.M. Wissels
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit minister inzake verstrekking AIVD-gegevens over overleden ouders
Appellant verzocht de minister om verstrekking van gegevens die de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD) over zijn overleden ouders bezit. De minister verstrekte deels gegevens en wees deels af, met het argument dat verstrekking de nationale veiligheid zou kunnen schaden door onthulling van persoonsgegevens van derden, bronnen of actuele werkwijzen.
De rechtbank oordeelde dat de minister de gegevens die op grond van de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten (Wiv) mochten worden verstrekt, had verstrekt, en verklaarde het beroep van appellant gegrond voor zover het ging om bepaalde geweigerde stukken. Appellant ging in hoger beroep tegen deze uitspraak.
De Afdeling bestuursrechtspraak heeft het hoger beroep gegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd voor zover de besluiten van de minister de weigering tot verstrekking van aanvullende gegevens handhaafden. De Afdeling oordeelde dat de minister niet aannemelijk had gemaakt dat het verstrekken van deze gegevens de nationale veiligheid zou schaden, en dat de minister onvoldoende inzichtelijk had gemaakt waarom bepaalde gegevens geweigerd werden. De Afdeling bevestigde het beroep voor zover de minister terecht bepaalde gegevens weigerde vanwege bronbescherming en actuele werkwijzen.
De minister is veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en het terugbetalen van het griffierecht. De uitspraak benadrukt het belang van transparantie en zorgvuldige belangenafweging bij verstrekking van persoonsgegevens door de AIVD, zeker bij verzoeken over overleden personen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en de minister wordt veroordeeld tot het verstrekken van aanvullende gegevens en vergoeding van proceskosten.