ECLI:NL:RVS:2015:123
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- Th.G. Drupsteen
- N.S.J. Koeman
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing tegemoetkoming planschade na bestemmingsplanwijziging in Asten
De appellant heeft een verzoek ingediend om tegemoetkoming in planschade naar aanleiding van een bestemmingsplanwijziging die de waarde van zijn perceel heeft verminderd. Het college van burgemeester en wethouders van Asten wees dit verzoek af en verklaarde het bezwaar ongegrond. De rechtbank Oost-Brabant bevestigde dit oordeel en verklaarde het beroep van appellant ongegrond.
De appellant stelde dat de waardevermindering van € 70.000,00 niet voorzienbaar was en baseerde zich op een rapport van Gloudemans. Het college en de rechtbank oordeelden echter dat de planologische wijziging voorzienbaar was op het moment van aankoop van de woning, mede gelet op de gemeentelijke structuurvisie "De Avance" uit 2006, waarin het plangebied was aangemerkt als een gebied voor woningbouwontwikkeling.
De Raad van State overweegt dat de rechtbank terecht heeft geoordeeld dat appellant rekening had moeten houden met de bouw van een woonwijk zoals opgenomen in het nieuwe bestemmingsplan. De aangevoerde argumenten over het half gesloten agrarisch landschap en de zachte dorpsrand bieden geen grond voor een ander oordeel. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de tegemoetkoming in planschade wordt bevestigd.