ECLI:NL:RVS:2015:1275
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- N. Verheij
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot verlening Nederlanderschap wegens onvoldoende bewijs nationaliteit
Appellant verzocht om het Nederlanderschap, maar de staatssecretaris wees dit verzoek af omdat het overgelegde Guinese paspoort niet geschikt was om zijn nationaliteit aan te tonen. De staatssecretaris baseerde zich op een rapport van Bureau Documenten dat stelde dat het paspoort authentiek was, maar niet voorzien van een handtekening van appellant, waardoor niet kon worden vastgesteld of het document daadwerkelijk voor hem was afgegeven.
Appellant voerde aan dat de verklaring van de Guinese ambassade in Brussel en ambtsberichten van de minister van Buitenlandse Zaken de authenticiteit en geldigheid van het paspoort bevestigden en stelde dat de staatssecretaris in andere zaken wel Guinese paspoorten had geaccepteerd, wat zou duiden op willekeur. De rechtbank oordeelde echter dat het paspoort niet kon dienen ter vaststelling van de nationaliteit omdat appellant het paspoort niet persoonlijk had aangevraagd, het geen handtekening bevatte, geen identificatie had plaatsgevonden en er geen in- en uitreisstempels waren.
De Raad van State bevestigde dit oordeel en oordeelde dat de staatssecretaris terecht het verzoek had afgewezen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek tot verlening van het Nederlanderschap wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs van nationaliteit.