ECLI:NL:RVS:2015:1304
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- G. van der Wiel
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens overdracht aan Italië conform Dublinverordening
De vreemdeling heeft op 8 mei 2014 in Nederland asiel aangevraagd, maar de staatssecretaris wees de aanvraag op 8 oktober 2014 af omdat Italië verantwoordelijk is voor de behandeling van de aanvraag volgens de Dublinverordening.
De vreemdeling stelde dat overdracht aan Italië zonder individuele garanties strijdig is met artikel 3 EVRM Pro, verwijzend naar het arrest Tarakhel van het EHRM, vanwege zijn ernstige medische klachten en de ontoereikende opvang in Italië. Hij overwoog talrijke rapporten en jurisprudentie ter onderbouwing.
De staatssecretaris stelde dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel blijft gelden, dat medische informatie is uitgewisseld en dat overdracht onder begeleiding plaatsvindt. De Afdeling oordeelde dat de situatie in Italië niet zodanig is dat overdracht zonder aanvullende garanties leidt tot een schending van artikel 3 EVRM Pro.
De Afdeling concludeerde dat de vreemdeling onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij in Italië geen adequate zorg zal ontvangen en dat de werkwijze van de staatssecretaris voldoende waarborgen biedt. Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de verblijfsvergunning bevestigd.