ECLI:NL:RVS:2015:1385
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing aanvraag verklaring van vakbekwaamheid als arts voor buitenlands gediplomeerde
De minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport heeft op 27 september 2013 de aanvraag van appellant om een verklaring van vakbekwaamheid als arts afgewezen. Deze afwijzing werd bevestigd bij besluit van 21 januari 2014 en door de rechtbank Den Haag op 24 juni 2014 ongegrond verklaard in het door appellant ingestelde beroep.
Appellant stelde in hoger beroep dat de verplichte assessmentprocedure achterhaald is en dat zijn meer dan twintig jaar ervaring als arts in Kosovo voldoende zou moeten zijn om de verklaring te verkrijgen. De minister baseerde zijn besluit op het advies van de Commissie Buitenlands Gediplomeerden Volksgezondheid (CBGV) die concludeerde dat appellant niet bereid was deel te nemen aan de algemene kennis- en vaardighedentoets.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het beleid van de minister, zoals neergelegd in de circulaire van 31 maart 2010, een samenstel van beleidsregels betreft waaraan de minister in beginsel gebonden is. De procedure om vakbekwaamheid vast te stellen door middel van een assessment is niet onredelijk en functioneert goed. De financiële bezwaren en de langdurige werkervaring van appellant vormen geen bijzondere omstandigheden die afwijking van het beleid rechtvaardigen.
Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de aanvraag verklaring van vakbekwaamheid als arts is bevestigd.