ECLI:NL:RVS:2015:1388
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.A. Hagen
- R.J.J.M. Pans
- F.D. van Heijningen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestemmingsplan Buitengebied Nederweert 2e herziening wegens ontoereikende motivering gebruik agrarische bedrijfswoningen als burgerwoningen
De raad van de gemeente Nederweert stelde op 17 december 2013 het bestemmingsplan "Buitengebied Nederweert 2e herziening" vast, dat gedeeltelijke herziening betrof van eerdere plannen. Diverse appellanten, waaronder bewoners en bedrijven, stelden beroep in tegen dit besluit. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State behandelde de zaak op 11 februari 2015.
De Afdeling oordeelde dat het beroep van appellante sub 1 niet-ontvankelijk was omdat zij geen geldige zienswijze had ingediend binnen de wettelijke termijn. Het beroep van appellant sub 2 werd ongegrond verklaard omdat het bestemmingsplan het laden en lossen op het perceel niet toestaat buiten de aangeduide laad- en losplaats.
De beroepen van appellant sub 3 en Gremo Holding en anderen werden gegrond verklaard. De Afdeling stelde vast dat de raad onvoldoende had gemotiveerd waarom in de planregels een uitzondering werd gemaakt voor het gebruik van agrarische bedrijfswoningen als burgerwoningen zonder een afweging van het woon- en leefklimaat. Tevens werd geoordeeld dat de raad bij de afwijkingsbevoegdheden weliswaar voorschriften had opgenomen om een aanvaardbaar leefklimaat te waarborgen, maar dat de motivering voor het legaliseren van bestaande illegale situaties ontoereikend was. Het besluit werd daarom vernietigd voor zover het de artikelen 3, lid 3.5, aanhef en onder i, en 7, lid 7.5, aanhef en onder i, van de planregels betreft.
De raad werd opgedragen binnen vier weken het vernietigde onderdeel aan te passen in het elektronisch vastgestelde plan. Daarnaast werd de raad veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierechten aan appellant sub 3 en Gremo Holding en anderen.
Uitkomst: Het bestemmingsplan wordt gedeeltelijk vernietigd wegens onvoldoende motivering omtrent het gebruik van agrarische bedrijfswoningen als burgerwoningen.