ECLI:NL:RVS:2015:1442
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- R. van der Spoel
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank en ongegrondverklaring beroep vreemdeling inzake medische noodsituatie bij uitzetting
De vreemdeling verzocht op grond van artikel 64 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 om uitstel van uitzetting wegens een medische noodsituatie. De minister wees dit verzoek af, waarna de vreemdeling bezwaar maakte dat eveneens werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en vernietigde het besluit, waarna de staatssecretaris hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelt dat het Bureau Medische Advisering (BMA) in het oorspronkelijke advies van november 2011 en aanvullende nota van april 2012 heeft vastgesteld dat geen medische noodsituatie bestaat. Hoewel een later advies van oktober 2013 een mogelijke medische noodsituatie signaleert, betreft dit nieuwe feiten, zoals de zwangerschap van de vreemdeling, die na het bestreden besluit zijn ontstaan en dus niet relevant zijn voor de beoordeling van het besluit van mei 2012.
De Raad stelt vast dat het BMA-advies zorgvuldig en inzichtelijk is en dat de staatssecretaris terecht op dit advies is afgegaan. Ook het bezwaar van de vreemdeling dat zij niet is gehoord, wordt verworpen. De Raad vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep van de vreemdeling ongegrond.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van uitstel van uitzetting blijft in stand.