ECLI:NL:RVS:2015:1456
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- J.C. Kranenburg
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing tegemoetkoming planschade na wijziging bestemmingsplan Hoofddorp
Appellant, eigenaar van een perceel te Hoofddorp, verzocht om een tegemoetkoming in planschade vanwege een bestemmingsplanwijziging die volgens hem de waarde van zijn perceel met €30.000 had verminderd. Het college wees de aanvraag af, gesteund op een objectief advies van TOG Nederland, die een waardedaling van slechts €3.000 vaststelde en concludeerde dat deze binnen het normale maatschappelijke risico viel.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en ook in hoger beroep werd dit oordeel bevestigd. Appellant voerde aan dat het advies van TOG niet onpartijdig was en dat relevante aspecten zoals de plaatsing van hoge lantaarnpalen en de bestemming ‘Verkeer’ niet juist waren meegenomen. De Afdeling oordeelde echter dat TOG deze elementen wel degelijk had betrokken in haar planvergelijking en dat het college het advies op juiste wijze had gebruikt.
Verder stelde appellant dat met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid kon worden uitgesloten dat op de gronden achter zijn perceel gebouwen tot 3 meter hoogte mochten worden gerealiseerd, mede vanwege een dwangsombepaling in een notariële akte. Dit betoog faalde omdat de eigendomssituatie niet relevant is voor de planologische voorschriften en de akte expliciet bouwen toestaat met gemeentelijke toestemming.
De Afdeling bevestigde de eerdere uitspraak en wees het hoger beroep af. Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de tegemoetkoming in planschade wordt bevestigd.