ECLI:NL:RVS:2015:1587
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.J.J. van Buuren
- W.D.M. van Diepenbeek
- R. Uylenburg
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit vergunning ammoniakemissie veehouderij wegens onvoldoende motivering
Het college van gedeputeerde staten Utrecht verleende op 15 oktober 2013 een vergunning krachtens de Natuurbeschermingswet 1998 voor het wijzigen en uitbreiden van een veehouderij te Breukelen. Coöperatie Mobilisation for the Environment U.A. en de vereniging Leefmilieu stelden dat de vergunning ten onrechte was verleend omdat het college zich onterecht baseerde op oude dieraantallen uit een Hinderwetvergunning uit 1980, terwijl feitelijk minder dieren werden gehouden in de jaren 80 en 90.
De appellanten voerden aan dat de vergunning uit 1980 gedeeltelijk was vervallen op grond van artikel 27, derde lid, van de Hinderwet, vanwege onderbezetting van het veebestand gedurende drie achtereenvolgende jaren. Het college stelde dat het zich mocht baseren op de oude vergunning en dat de meitellingen slechts momentopnames waren die geen seizoensvariaties weerspiegelen.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de appellanten een begin van bewijs hadden geleverd dat de vergunning gedeeltelijk was vervallen en dat het college onvoldoende concreet bewijs had geleverd om dit te weerleggen. Het college had ook niet ambtshalve onderzoek verricht naar het verval. Hierdoor was het besluit onvoldoende gemotiveerd en niet draagkrachtig.
De Raad van State verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit, en veroordeelde het college tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan de appellanten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit van het college wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering en onderzoek.