ECLI:NL:RVS:2015:1614
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- H. Troostwijk
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging inreisverbod wegens onvoldoende motivering door staatssecretaris
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie vaardigde op 12 december 2014 een inreisverbod van twee jaar uit tegen de vreemdeling. De vreemdeling stelde beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 13 januari 2015 het besluit vernietigde wegens onvoldoende motivering, met name ten aanzien van de medische omstandigheden van de vreemdeling.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak en voerde aan dat de rechtbank ten onrechte de algehele veiligheidssituatie in het land van herkomst had betrokken bij de toetsing van het inreisverbod. De Raad van State oordeelde dat de veiligheidssituatie niet relevant is bij de beoordeling van het inreisverbod en dat de vreemdeling hiervoor een asielaanvraag moet indienen.
Desondanks werd het motiveringsgebrek met betrekking tot de medische omstandigheden door de staatssecretaris niet bestreden, waardoor de vernietiging van het besluit standhoudt. De Raad van State bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en veroordeelde de staatssecretaris tot vergoeding van de proceskosten van €490,00.
Uitkomst: Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt ongegrond verklaard en het inreisverbod wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering.