ECLI:NL:RVS:2015:1637
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- E. Helder
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestemmingsplan Centrum Heesch voor perceel met zonne- en schoonheidsstudio wegens onvoldoende zorgvuldigheid
De raad van de gemeente Bernheze stelde op 31 oktober 2013 het bestemmingsplan "Centrum Heesch, reparatie ’t Dorp 49-59" vast. Appellante sub 1 stelde beroep in tegen dit besluit, stellende dat het bestaande gebruik van de bovenverdieping van het pand als zonne- en schoonheidsstudio niet adequaat was beschermd in het bestemmingsplan. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde in een tussenuitspraak dat de raad onvoldoende onderzoek had gedaan naar de bescherming van het bestaande gebruik en dat het besluit niet met de vereiste zorgvuldigheid was voorbereid.
De raad wijzigde daarop het bestemmingsplan bij besluit van 30 oktober 2014, waarbij het gebruik voor de zonne- en schoonheidsstudio binnen de bestemming "Centrum - 1" werd opgenomen, maar beperkt tot de begane grond. Appellante sub 1 voerde aan dat deze regeling onduidelijk en onuitvoerbaar was, onder meer omdat de studio zich op de bovenverdieping bevindt. De Afdeling oordeelde echter dat de gekozen regeling niet onredelijk was en dat de bezwaren niet tot vernietiging leidden.
Appellant sub 2 stelde beroep in tegen het gewijzigde besluit, maar dit werd niet-ontvankelijk verklaard omdat hij geen beroep had ingesteld tegen het oorspronkelijke besluit en geen nieuwe feiten of omstandigheden had aangevoerd. De Afdeling veroordeelde de raad tot vergoeding van proceskosten aan appellante sub 1.
De Afdeling vernietigde het oorspronkelijke besluit voor zover het de vaststelling van het plandeel met bestemming "Centrum-1" voor het perceel betrof, verklaarde het beroep van appellante sub 1 gegrond, het beroep tegen het gewijzigde besluit ongegrond en het beroep van appellant sub 2 niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Het beroep van appellante sub 1 wordt gegrond verklaard en het oorspronkelijke bestemmingsplan voor het perceel wordt vernietigd; het beroep van appellant sub 2 wordt niet-ontvankelijk verklaard.