ECLI:NL:RVS:2015:1766
Raad van State
- Hoger beroep
- W. Sorgdrager
- Rechtspraak.nl
Vernietiging last onder bestuursdwang wegens onterecht toerekenen overtreding aan eigenaar perceel
Het college van dijkgraaf en hoogheemraden van het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden legde appellant een last onder bestuursdwang op wegens het zonder vergunning plaatsen van beschoeiing en een steiger in het natte profiel van de Kromme Rijn. Appellant werd als overtreder aangemerkt en moest de situatie herstellen.
Appellant voerde aan dat hij geen eigenaar was van de grondstrook waar de overtreding plaatsvond en dat de huurder van zijn villa zonder zijn toestemming de beschoeiing en steiger had geplaatst. Het college betwistte dit niet, maar stelde dat appellant via de huurovereenkomst de macht had om de overtreding te beëindigen en zich als eigenaar gedroeg.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat appellant niet fysiek de overtredingen had verricht en dat er geen aanwijzingen waren dat de handelingen aan hem konden worden toegerekend. De huurovereenkomst en het feit dat materiaal op naam van een stichting waarvan appellant bestuurder is, besteld was, waren onvoldoende om hem als overtreder aan te merken.
Daarom werd het hoger beroep gegrond verklaard, het besluit van het college vernietigd en het primaire besluit herroepen. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht aan appellant.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot last onder bestuursdwang wordt vernietigd.