ECLI:NL:RVS:2015:1872
Raad van State
- Hoger beroep
- F.C.M.A. Michiels
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen niet-ontvankelijkheid bezwaar betalingsregeling Belastingdienst
Bij besluit van 7 november 2012 verleende de Belastingdienst/Toeslagen uitstel van betaling aan appellante en stelde een betalingsregeling vast. Appellante maakte bezwaar tegen dit besluit, maar de rechtbank verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat het bezwaarschrift te laat was ontvangen. De Afdeling bestuursrechtspraak stelt vast dat het ontvangststempel op het bezwaarschrift niet de feitelijke ontvangstdatum weerspiegelt, omdat het bezwaarschrift eerst op kantoor Enschede werd ontvangen en daarna naar Heerlen werd doorgestuurd.
De Afdeling oordeelt dat het bezwaarschrift uiterlijk op 24 december 2012 door de Belastingdienst/Toeslagen is ontvangen, wat binnen een week na afloop van de bezwaartermijn is en daarmee tijdig is ingediend. De rechtbank heeft dit niet onderkend en heeft het bezwaar ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard. Het hoger beroep wordt daarom gegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.
De zaak wordt naar de rechtbank terugverwezen voor inhoudelijke behandeling. Tevens wordt de Belastingdienst/Toeslagen veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en het griffierecht. De Afdeling adviseert de Belastingdienst/Toeslagen om te bezien of het standpunt over het ontbreken van opzet of grove schuld aanleiding geeft tot een lager termijnbedrag en eventueel een gewijzigd besluit op bezwaar.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen voor inhoudelijke behandeling.