ECLI:NL:RVS:2015:1877
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging rechtbankuitspraak over nihilstelling voorschot kinderopvangtoeslag 2009 en 2011
De Belastingdienst/Toeslagen heeft het voorschot kinderopvangtoeslag van appellant voor de jaren 2009, 2010 en 2011 herzien naar nihil. Appellant maakte bezwaar tegen deze besluiten, maar deze werden ongegrond verklaard. De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep van appellant gegrond en vernietigde het besluit van 15 november 2012, maar handhaafde de rechtsgevolgen.
In hoger beroep betoogde appellant dat hij recht heeft op kinderopvangtoeslag omdat hij kosten had betaald en dit had aangetoond met verklaringen, facturen en urenregistraties. De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat aanspraak op kinderopvangtoeslag alleen bestaat indien de volledige kosten daadwerkelijk zijn betaald en met bewijsstukken zijn gestaafd.
Voor 2009 had appellant een verklaring van de gastouder over contante betalingen overgelegd, maar geen kwitanties of bewijs van geldopnames. Voor 2011 was slechts een deel van de kosten aangetoond betaald. De Afdeling oordeelde dat appellant niet heeft aangetoond de volledige kosten te hebben betaald en bevestigde daarom het oordeel van de rechtbank dat appellant geen aanspraak heeft op kinderopvangtoeslag over 2009 en 2011.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Hoger beroep ongegrond verklaard en uitspraak rechtbank bevestigd dat appellant geen recht heeft op kinderopvangtoeslag over 2009 en 2011.