ECLI:NL:RVS:2015:1903
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling openbaarmaking persoonsgegevens ambtenaren in Wob-verzoek parkeerbelasting
Bij besluit van 27 juni 2011 wees het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam een Wob-verzoek af om documenten openbaar te maken, waaronder akten met persoonsgegevens van ambtenaren betrokken bij naheffingsaanslagen parkeerbelasting. De rechtbank Rotterdam vernietigde dit besluit deels en bepaalde dat namen, geboortedata en functies van de ambtenaren leesbaar moesten zijn bij openbaarmaking.
Het college stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak, stellende dat de privacy en veiligheid van ambtenaren prevaleren, mede vanwege bedreigingen die zij ondervinden. De appellant stelde incidenteel hoger beroep in tegen het oordeel over de authenticiteit van de mededeling dat akten van opsporingsbevoegdheid niet berusten bij het college.
De Raad van State oordeelt dat de rechtbank ten onrechte heeft bevolen dat persoonsgegevens van ambtenaren openbaar moeten worden gemaakt, gezien het veiligheidsrisico en het belang van bescherming van de persoonlijke levenssfeer. De Afdeling bevestigt dat namen en geboortedata persoonsgegevens zijn die beschermd moeten worden. Het college hoeft geen nieuw besluit te nemen maar moet de akten verstrekken zonder deze persoonsgegevens. Het incidenteel hoger beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Raad van State vernietigt het deel van de uitspraak dat persoonsgegevens van ambtenaren openbaar moest maken en bevestigt de rest.