ECLI:NL:RVS:2015:2006
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- E. Steendijk
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens strijdigheid met artikel 3 EVRM bij overdracht aan Italië
Bij besluiten van 16 mei 2014 wees de staatssecretaris de aanvragen van vreemdelingen om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdelingen, waaronder een gezin met een minderjarige dochter, stelden beroep in bij de rechtbank, die de beroepen ongegrond verklaarde. In hoger beroep klaagden zij dat de rechtbank ten onrechte oordeelde dat overdracht aan Italië niet in strijd was met artikel 3 EVRM Pro.
De Afdeling bestuursrechtspraak verwijst naar het arrest Tarakhel van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens, waarin is bepaald dat overdracht van gezinnen met minderjarige kinderen aan Italië zonder garanties over passende opvang strijdig is met artikel 3 EVRM Pro. De staatssecretaris had geen dergelijke garanties verkregen, waardoor de rechtbank onjuist oordeelde.
De Afdeling vernietigt de uitspraak van de rechtbank en de besluiten van de staatssecretaris, verklaart de beroepen gegrond en bepaalt dat de rechtsgevolgen van de besluiten in stand blijven. Nadien heeft de staatssecretaris een verklaring van de Italiaanse autoriteiten overgelegd met garanties over opvang en communicatie voorafgaand aan overdracht. De staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van €1.470,00.
Uitkomst: De beroepen worden gegrond verklaard, de besluiten van de staatssecretaris vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.