ECLI:NL:RVS:2015:2012
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- H. Troostwijk
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over voortduren vreemdelingenbewaring wegens schending hoor en wederhoor
Bij besluit van 9 januari 2015 werd de vreemdeling in vreemdelingenbewaring gesteld. De rechtbank verklaarde op 13 mei 2015 het beroep tegen het voortduren van deze bewaring ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af. De vreemdeling stelde hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De vreemdeling betoogde dat hij de voortgangsrapportage pas na het sluiten van het onderzoek ontving, waardoor hij niet kon reageren, wat een schending van het hoor en wederhoor opleverde. De Afdeling stelde vast dat de fax met de voortgangsrapportage pas op 8 mei 2015 bij de gemachtigde van de vreemdeling aankwam, twee dagen na het sluiten van het onderzoek op 6 mei 2015.
Hierdoor was sprake van een ernstige schending van de procesorde en fundamentele rechtsbeginselen, waardoor het recht op een eerlijk proces was geschonden. De Afdeling nam het hoger beroep daarom toch in behandeling, verklaarde het gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verwees de zaak terug voor nieuwe behandeling met inachtneming van het hoor en wederhoor.
Daarnaast stelde de Afdeling de proceskosten in hoger beroep vast op €490 en bepaalde dat de rechtbank beslist over de vergoeding hiervan.
Uitkomst: De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd wegens schending van hoor en wederhoor en de zaak wordt terugverwezen voor herbehandeling.