ECLI:NL:RVS:2015:2096
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- G. van der Wiel
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging rechtbankuitspraken en bevestiging inreisverbod van tien jaar wegens ernstige bedreiging openbare orde
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie vaardigde op 22 augustus 2013 een inreisverbod van tien jaar uit tegen de vreemdeling, die meerdere geweldsdelicten had gepleegd. De vreemdeling stelde beroep in tegen dit besluit, waarbij de rechtbank Den Haag aanvankelijk het inreisverbod vernietigde vanwege een vermeende schending van artikel 8 EVRM Pro over het gezinsleven.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze uitspraken. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte de belangenafweging niet terughoudend had getoetst en dat het inreisverbod van tien jaar conform de wetgeving en jurisprudentie gerechtvaardigd was. De vreemdeling had onvoldoende bijzondere individuele omstandigheden aangevoerd om de maximale duur te verkorten.
De Afdeling vernietigde de uitspraken van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond. Ook werd geoordeeld dat de vreemdeling zijn psychische klachten te laat had ingebracht, waardoor deze niet in de belangenafweging konden worden meegenomen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het inreisverbod van tien jaar bevestigd.