ECLI:NL:RVS:2015:2097
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- E. Steendijk
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende opvanggaranties bij overdracht aan Italië
De vreemdeling had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de staatssecretaris op 22 april 2014 werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond. De vreemdeling ging hiertegen in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat de overdracht aan Italië niet in strijd zou zijn met artikel 3 EVRM Pro, omdat de staatssecretaris geen garanties had verkregen van de Italiaanse autoriteiten over passende opvang, terwijl de vreemdeling zwanger was en een minderjarig kind had. Dit is in strijd met het arrest Tarakhel van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en het besluit van de staatssecretaris en verklaarde het beroep gegrond. Tegelijkertijd bepaalde zij dat de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand blijven, omdat de staatssecretaris later wel opvanggaranties van Italië had ontvangen.
Tot slot veroordeelde de Afdeling de staatssecretaris tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling.
Uitkomst: Het besluit van de staatssecretaris tot afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt vernietigd vanwege het ontbreken van opvanggaranties bij overdracht aan Italië.