ECLI:NL:RVS:2015:2220
Raad van State
- Hoger beroep
- J. Hoekstra
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging omgevingsvergunning veehouderij wegens juiste beoordeling luchtkwaliteit
Het college van burgemeester en wethouders van Ede verleende op 17 oktober 2012 een omgevingsvergunning voor het veranderen van de werking van een veehouderij aan een locatie te Lunteren. Appellant, wonend nabij de inrichting, stelde dat het college ten onrechte de gevolgen van het project op de luchtkwaliteit bij zijn woning niet had onderzocht, wat volgens hem leidde tot een ernstige aantasting van zijn woon- en leefklimaat.
De rechtbank Gelderland verklaarde het beroep van appellant gegrond, vernietigde het besluit van het college en liet de rechtsgevolgen in stand. Het college motiveerde het besluit nader, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling overwoog dat de woning van appellant binnen het terrein van de inrichting ligt en dat de Regeling beoordeling luchtkwaliteit 2007 bepaalt dat concentraties van verontreinigende stoffen bij inrichtingen vanaf de grens van het terrein worden berekend. Hierdoor was het college niet verplicht de luchtkwaliteit bij de woning van appellant te betrekken. Tevens wees de Afdeling een nieuw aangevoerd betoog over stofoverlast buiten beschouwing omdat dit niet eerder bij de rechtbank was ingebracht.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt de vernietiging van het besluit en verklaart het hoger beroep ongegrond.