ECLI:NL:RVS:2015:2289
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging en vernietiging besluiten spoedeisende bestuursdwang en kosten sluiting pand wegens asbest
Het college van burgemeester en wethouders van Deventer besloot op 13 november 2013 tot spoedeisende bestuursdwang door het sluiten en verzegelen van een pand waar asbesthoudend materiaal was aangetroffen. De kosten hiervan werden vastgesteld op €986,68. Zowel appellant sub 1A als appellante sub 1B maakten bezwaar en stelden beroep in tegen deze besluiten.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant sub 1A niet-ontvankelijk en wees het beroep van appellante sub 1B ongegrond. In hoger beroep oordeelt de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State dat appellant sub 1A wel belanghebbende is voor het bezwaar tegen het besluit van 14 november 2013 en verklaart het beroep gegrond, vernietigt het besluit van 7 april 2014 voor zover het bezwaar ongegrond werd verklaard, en verklaart het bezwaar van appellant sub 1A tegen het besluit van 14 november 2013 niet-ontvankelijk.
De Afdeling bevestigt het oordeel dat het college bevoegd was tot handhavend optreden en dat de spoedeisende bestuursdwang proportioneel was gezien het gezondheidsrisico van asbest. Ook de vastgestelde kosten worden als redelijk beoordeeld. Het hoger beroep van appellante sub 1B wordt ongegrond verklaard. Ten slotte oordeelt de Afdeling dat de rechtbank ten onrechte twee keer griffierecht heeft geheven en veroordeelt het college tot vergoeding van proceskosten en griffierechten aan appellant sub 1A en appellante sub 1B.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant sub 1A wordt gegrond verklaard en het besluit van 7 april 2014 vernietigd, het hoger beroep van appellante sub 1B wordt ongegrond verklaard, en het college wordt veroordeeld tot proceskostenvergoeding.