ECLI:NL:RVS:2015:2322
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Y.E.M.A. Timmerman-Buck
- Rechtspraak.nl
Onredelijkheid plaatsing ondergrondse restafvalcontainers in wijk Rustenburg te Den Haag
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag stelde op 27 januari 2015 een gewijzigd plaatsingsplan vast voor ondergrondse restafvalcontainers (ORAC's) in de wijk Rustenburg, stadsdeel Escamp. Diverse bewoners van de wijk stelden beroep in tegen dit besluit. De Raad van State behandelde het geschil waarbij onder meer werd betoogd dat de locatie 30-33B ongeschikt was vanwege smalle straat, hinder voor leegwagens, aantasting van het plantsoen en strijd met het bestemmingsplan.
De Raad oordeelde dat appellanten sub 2A en 2C niet-ontvankelijk waren omdat zij geen zienswijzen hadden ingediend tijdens de ontwerpperiode. Voor appellanten sub 1A en 1B werd het beroep inhoudelijk behandeld. Het college had beleidsvrijheid bij de locatiekeuze en had een belangenafweging gemaakt waarbij de praktische haalbaarheid en ruimtelijke inpassing waren betrokken. De Raad vond geen aanleiding om te concluderen dat het college onredelijk had gehandeld.
Ook het argument dat een alternatieve locatie geschikter zou zijn, werd verworpen omdat de voorgestelde locatie niet duidelijk beter was en het college een redelijke afweging had gemaakt. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde omdat de situaties niet gelijk waren: elders waren concrete plannen voor een speeltuin, hier niet. De Raad verklaarde het beroep van appellanten sub 1A en 1B ongegrond en dat van sub 2A en 2C niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Het beroep van enkele bewoners is niet-ontvankelijk of ongegrond verklaard wegens het ontbreken van zienswijzen en redelijke belangenafweging door het college.