ECLI:NL:RVS:2015:2326
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek tot wijziging geboortedatum in basisregistratie personen
Appellante verzocht het college van burgemeester en wethouders van Den Haag haar geboortedatum in de basisregistratie personen te wijzigen van 1962 naar 6 februari 1968. Het college wees dit verzoek af en verklaarde het bezwaar ongegrond. De rechtbank bevestigde deze afwijzing. Appellante stelde dat het Marokkaanse vonnis, gebaseerd op een medische verklaring en een notariële getuigenverklaring, voldoende bewijs leverde voor de wijziging.
De Raad van State overwoog dat gegevens in de basisregistratie betrouwbaar en duidelijk moeten zijn en dat wijziging alleen mogelijk is indien onomstotelijk vaststaat dat de geregistreerde gegevens feitelijk onjuist zijn. Het Marokkaanse vonnis gaf geen inzicht in de betrouwbaarheid van de onderliggende verklaringen en ontbrak een nadere motivering waarom het eerdere vonnis was verworpen. De medische verklaring was onvoldoende onderbouwd en de getuigenverklaring gaf geen concrete informatie over de kennis van de getuigen.
Gezien het ontbreken van betrouwbare en objectieve gegevens oordeelde de Raad van State dat het college terecht het verzoek tot wijziging van de geboortedatum heeft afgewezen. Ook de door appellante aangevoerde nadelige gevolgen van de huidige registratie konden geen aanleiding geven tot wijziging, omdat de wet geen ruimte laat voor een belangenafweging. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het verzoek tot wijziging van de geboortedatum in de basisregistratie personen wordt afgewezen wegens onvoldoende betrouwbaar bewijs.