ECLI:NL:RVS:2015:2342
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- R. van der Spoel
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit staatssecretaris over uitstel van vertrek vreemdeling wegens strijd met beleidsregel
De vreemdeling had een aanvraag gedaan om uitstel van vertrek krachtens artikel 64 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. De staatssecretaris verleende dit uitstel voor de duur van een jaar, ingaand op de datum van het besluit. De vreemdeling maakte bezwaar tegen de toepassing van deze beleidslijn, omdat dit in haar situatie leidde tot een verblijfsgat en zij tijdig een opvolgende aanvraag had ingediend met medische onderbouwing.
De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond, waarbij werd verwezen naar de beleidsregel waarin de staatssecretaris de ingangsdatum van het uitstel vastlegt op de datum van het besluit. De vreemdeling ging hiertegen in hoger beroep bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat de beleidsregel in dit specifieke geval buiten toepassing moet worden gelaten, omdat het strikt vasthouden aan de ingangsdatum van het uitstel leidt tot onevenredige gevolgen en strijdig is met het doel van de regeling. De uitspraak van de rechtbank werd vernietigd, het beroep van de vreemdeling gegrond verklaard en het besluit van de staatssecretaris vernietigd. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en terugbetaling van griffierecht.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt gegrond verklaard en het besluit van de staatssecretaris wordt vernietigd wegens strijd met de Awb.