ECLI:NL:RVS:2015:2399
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Y.E.M.A. Timmerman-Buck
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen toepassing spoedeisende bestuursdwang wegens verkeerd aanbieden huishoudelijk afval
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag heeft op 13 januari 2015 spoedeisende bestuursdwang toegepast door een doos te verwijderen die naast een ondergrondse restafvalcontainer was geplaatst, in strijd met de Afvalstoffenverordening 2010. De doos was voorzien van naam- en adresgegevens van appellant, die daardoor als overtreder werd aangemerkt en aansprakelijk gesteld voor een deel van de kosten.
Appellant betoogde dat hij niet de overtreder was, omdat hij altijd gebruikmaakt van dicht bij zijn woning gelegen inzamelvoorzieningen en de doos mogelijk door iemand anders verkeerd was aangeboden. De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat op grond van vaste rechtspraak de persoon aan wie het afval kan worden herleid als overtreder wordt beschouwd, tenzij aannemelijk wordt gemaakt dat hij niet de overtreding heeft begaan.
De stellingen van appellant waren onvoldoende om het tegendeel aannemelijk te maken. De locatie van de doos en het feit dat de naam- en adresgegevens op de doos stonden, rechtvaardigden het college om appellant als overtreder aan te merken. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot toepassing van spoedeisende bestuursdwang wegens verkeerd aanbieden van afval wordt ongegrond verklaard.