ECLI:NL:RVS:2015:2466
Raad van State
- Hoger beroep
- N.S.J. Koeman
- Rechtspraak.nl
Bevestiging rechtbankbeslissing inzake onbevoegdheid bij schadevergoeding beschermd monument
Appellant, eigenaar van een beschermd monument in Winterswijk, vorderde schadevergoeding wegens de aanwijzing van zijn pand als beschermd monument door de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. De rechtbank verklaarde zich onbevoegd omdat niet was vastgesteld dat sprake was van een onrechtmatig besluit en het gevorderde bedrag het maximum van € 25.000 te boven ging.
De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat het besluit tot aanwijzing van het pand formele rechtskracht heeft en derhalve rechtmatig is. Hierdoor kon appellant geen onrechtmatig besluit als grondslag voor schadevergoeding aanvoeren. De rechtbank had het verzoek op grond van artikel 6:15 Awb Pro moeten doorsturen naar de minister als een bezwaarschrift.
Omdat appellant dit bezwaarschrift te laat had ingediend, maar dit verschoonbaar was, werd het verzoek alsnog als een te laat ingediend bezwaarschrift aangemerkt. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.