ECLI:NL:RVS:2015:2494
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van handhavingsbesluiten tegen permanente bewoning recreatiewoningen Parc Patersven
Het college van burgemeester en wethouders van Zundert heeft meerdere bewoners van het recreatiepark Parc Patersven gelast om het gebruik van hun recreatiewoningen anders dan voor verblijfsrecreatie binnen 18 maanden te staken, onder dreiging van een dwangsom van € 25.000.
De rechtbank Zeeland-West-Brabant verklaarde deze besluiten deels gegrond en stelde de termijn voor het staken van de overtreding vast op 6 maanden in plaats van 18 maanden. Het college ging hiertegen in hoger beroep, stellende dat het een ruime discretionaire bevoegdheid had om de termijn van 18 maanden vast te stellen.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de rechtbank terecht heeft geoordeeld dat de begunstigingstermijn niet langer mag zijn dan noodzakelijk om de overtreding op te heffen en dat de termijn van 18 maanden niet in overeenstemming is met artikel 5:32a Awb. De Afdeling bevestigde de termijn van 6 maanden en wees het hoger beroep van het college af, waarbij werd meegewogen dat bewoners inmiddels tijdig aan de last hebben voldaan en geen dwangsommen zijn verbeurd.
Uitkomst: Het hoger beroep van het college wordt ongegrond verklaard en de begunstigingstermijn voor het staken van permanente bewoning wordt vastgesteld op 6 maanden.