ECLI:NL:RVS:2015:2540
Raad van State
- Hoger beroep
- R. van der Spoel
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank en toekenning proceskostenvergoeding in asielzaak na intrekking besluit
De staatssecretaris heeft op 27 juni 2014 het asielverzoek van de vreemdeling afgewezen. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die dit beroep op 22 juni 2015 niet-ontvankelijk verklaarde vanwege intrekking van het besluit door de staatssecretaris. De intrekking volgde omdat overdracht aan de Italiaanse autoriteiten binnen de gestelde termijn niet mogelijk was en de gezinsleden niet gescheiden mochten worden overgedragen.
De vreemdeling stelde hoger beroep in tegen de niet-ontvankelijkverklaring en klaagde dat de rechtbank ten onrechte geen proceskostenveroordeling oplegde aan de staatssecretaris. De Raad van State oordeelde dat de intrekking van het besluit een tegemoetkoming vormt die een proceskostenveroordeling rechtvaardigt, en dat de rechtbank dit had moeten toepassen.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde het deel van de uitspraak waarin geen proceskostenvergoeding werd toegewezen en veroordeelde de staatssecretaris tot betaling van €980 aan proceskosten. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak op 29 juli 2015.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van €980.