ECLI:NL:RVS:2015:2618
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen herroeping omgevingsvergunning voor verbouwing woonunits
Het college van burgemeester en wethouders van Nijmegen verleende op 21 november 2014 een omgevingsvergunning aan verzoeker voor het verbouwen van een pand tot vier zelfstandige woonunits met parkeerplaatsen. Hiertegen maakte een partij bezwaar dat op 21 april 2015 door het college ongegrond werd verklaard. De rechtbank Gelderland verklaarde op 25 juni 2015 het beroep van de partij gegrond, vernietigde het besluit van 21 april 2015 en herroept het besluit van 21 november 2014.
Verzoeker stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak en verzocht tegelijkertijd de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen zodat hij spoedig met de bouwwerkzaamheden kon beginnen. De voorzieningenrechter behandelde het verzoek op 30 juli 2015 en hoorde alle betrokken partijen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het verzoek een voorlopig karakter heeft en niet bindend is voor de bodemprocedure. Verzoeker kon niet aannemelijk maken dat hij door de uitspraak van de rechtbank in een financiële noodsituatie zou verkeren of dat de uitspraak onomkeerbare gevolgen voor hem zou hebben. Het verzoek om een voorlopige voorziening werd daarom afgewezen.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd op 6 augustus 2015 in het openbaar uitgesproken door voorzieningenrechter C.H.M. van Altena.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen de herroeping van de omgevingsvergunning wordt afgewezen.