ECLI:NL:RVS:2015:2623
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- H. Troostwijk
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Vaststelling binnenlands vestigingsalternatief voor koptische christenen in Egypte afgewezen
De staatssecretaris wees op 12 februari 2015 de aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit, met de opdracht tot een nieuw besluit. De staatssecretaris ging in hoger beroep tegen deze uitspraak.
De kern van het geschil betrof de vraag of koptische christenen in Egypte als kwetsbare minderheidsgroep moeten worden aangemerkt. De staatssecretaris stelde dat, gelet op het rapport van het United Kingdom Home Office, christenen in Egypte zich in het algemeen kunnen onttrekken aan dreigend geweld door zich elders in het land te vestigen. Dit binnenlands vestigingsalternatief was volgens hem voldoende gemotiveerd.
De Raad van State oordeelde dat de staatssecretaris de elementen uit de Vreemdelingencirculaire 2000 wel degelijk in onderlinge samenhang heeft gewogen en dat zijn motivering deugdelijk is. De grief van de staatssecretaris slaagde, het hoger beroep werd gegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd. Het beroep van de vreemdeling werd ongegrond verklaard omdat hij onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij een reëel risico op een met artikel 3 EVRM Pro strijdige behandeling loopt.
Uitkomst: De Raad van State vernietigt het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep van de vreemdeling ongegrond wegens het bestaan van een binnenlands vestigingsalternatief voor koptische christenen in Egypte.