ECLI:NL:RVS:2015:2633
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- E. Helder
- D.J.C. van den Broek
- E.A. Minderhoud
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen tracébesluit verbreding A4 Vlietland - N14
De minister van Infrastructuur en Milieu stelde op 18 december 2014 het tracébesluit vast voor de verbreding van de A4 tussen de N14 en het knooppunt Hofvliet. Recreatiecentrum Vlietland, exploitant van het nabijgelegen recreatiegebied, stelde beroep in tegen dit besluit vanwege mogelijke aantasting van recreatieve waarden door geluid, luchtverontreiniging en uitzicht.
De Raad van State oordeelde dat de milieueffectrapportage adequaat was, waarbij het recreatiegebied voldoende in de beoordeling was betrokken. De gebruikte verkeersmodellen waren actueel en representatief, en het luchtkwaliteitsonderzoek voldeed aan de wettelijke normen binnen het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit. Het akoestisch onderzoek toonde aan dat geluidhinder door toepassing van tweelaags ZOAB binnen de geldende normen blijft.
De Afdeling verwierp verder het betoog dat aanvullende inpassingsmaatregelen zoals geluidschermen noodzakelijk waren, mede omdat de verbreding in de middenberm plaatsvindt en het uitzicht niet wezenlijk wordt aangetast. Ook de stelling dat de toekomstige recreatiewoningen hierdoor niet rendabel zouden zijn of niet gebouwd kunnen worden, werd ongegrond verklaard. Het beroep werd derhalve ongegrond verklaard en de minister kon zich op het standpunt stellen dat het tracébesluit toereikend is.
Uitkomst: Het beroep tegen het tracébesluit voor de verbreding van de A4 wordt ongegrond verklaard.