ECLI:NL:RVS:2015:2646
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- E. Helder
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestemmingsplan Woongebieden Oisterwijk wegens onvoldoende motivering wijzigingsgebied
De raad van de gemeente Oisterwijk stelde op 18 december 2014 het bestemmingsplan 'Woongebieden Oisterwijk' vast, waarin een wijzigingsgebied werd aangewezen waar 28 extra woningen gerealiseerd kunnen worden naast 21 bestaande woningen. [Appellant], eigenaar van een autoreparatiebedrijf met milieucategorieën 3.1 en 3.2, stelde beroep in tegen dit besluit omdat hij meende dat de raad onvoldoende rekening had gehouden met de milieubelasting en de gevolgen voor een aanvaardbaar woon- en leefklimaat.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de raad zich had gebaseerd op een Quickscan geur en geluid uit 2014, die was opgesteld op basis van een vergunde situatie uit 1992 en niet de maximale planologische mogelijkheden van het bedrijf betrof, waaronder een spuiterij en plaatwerkerij. Hierdoor was onvoldoende inzicht gegeven waarom woningbouw op circa 10 meter afstand van het bedrijf mogelijk zou zijn, terwijl de VNG-brochure een richtafstand van 100 meter aangeeft.
Verder had de raad onvoldoende gewaarborgd dat de oostgevel van de nieuwe woningen akoestisch doof zou worden uitgevoerd, wat noodzakelijk kan zijn vanuit het oogpunt van een goede ruimtelijke ordening. De Afdeling vernietigde het besluit voor zover het de functieaanduiding 'Wro-zone wijzigingsgebied-3' betreft en gaf de raad de opdracht binnen 26 weken een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de uitspraak.
Tot slot werd het griffierecht van €165 aan appellant vergoed. Het beroep werd gegrond verklaard vanwege strijd met de artikelen 3:2 en 3:46 van de Algemene wet bestuursrecht en het zorgvuldigheidsbeginsel.
Uitkomst: Het bestemmingsplan is vernietigd voor zover het de functieaanduiding 'Wro-zone wijzigingsgebied-3' betreft wegens onvoldoende motivering en strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel.