ECLI:NL:RVS:2015:2662
Raad van State
- Hoger beroep
- A.W.M. Bijloos
- N. Verheij
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake bestuurlijke boete en niet-ontvankelijkheid bezwaar
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag legde op 20 juni 2013 een bestuurlijke boete van €8.000,- op aan [wederpartij]. Na een bezwaarprocedure verklaarde het college het bezwaar niet-ontvankelijk en stelde de boete later bij besluit van 12 november 2014 vast op €6.000,-. [Wederpartij] stelde beroep in tegen deze besluiten.
De rechtbank Den Haag oordeelde dat het college het bezwaar ten onrechte niet-ontvankelijk had verklaard en vernietigde het besluit van 24 oktober 2013, waarna het college hoger beroep instelde bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelt dat het college het bezwaar terecht niet-ontvankelijk heeft verklaard omdat de elektronische indiening van het bezwaar per e-mail niet was toegestaan en geen herstelmogelijkheid hoefde te worden geboden. Tevens zijn er geen bijzondere omstandigheden die de termijnoverschrijding rechtvaardigen. Hierdoor wordt de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep van [wederpartij] ongegrond verklaard.
Door deze vernietiging komt het besluit van 12 november 2014 te vervallen en herleeft het oorspronkelijke boetebesluit van €8.000,-. De Afdeling merkt op dat het college ambtshalve kan bezien of het beleid tot een lagere boete aanleiding geeft tot aanpassing of gedeeltelijke invordering.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan op 19 augustus 2015.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep van [wederpartij] ongegrond verklaard, waardoor de boete van €8.000,- onverminderd blijft.