ECLI:NL:RVS:2015:2666
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- A.B.M. Hent
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Vaststelling ongegrondheid beroep tegen afwijzing verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd
De staatssecretaris wees op 15 april 2014 de aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit, waarna de staatssecretaris hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat het oordeel van de staatssecretaris over de geloofwaardigheid van het asielrelaas innerlijk tegenstrijdig was. De staatssecretaris had het asielrelaas geloofwaardig geacht, maar het vermoeden dat de vreemdeling bij terugkeer in Sierra Leone zou worden vergiftigd niet plausibel bevonden. Ook was het niet nodig om een vestigingsalternatief te beoordelen.
Verder stelde de Raad vast dat de vreemdeling onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat zij bij terugkeer een reëel risico loopt op gedwongen prostitutie, mede gelet op het ambtsbericht en de mogelijkheid tot hulp van non-gouvernementele organisaties. Ook het beroep op de belangen van het kind werd verworpen omdat deze belangen voldoende waren meegewogen.
De Raad verklaarde het hoger beroep van de staatssecretaris gegrond, vernietigde het vonnis van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning wordt ongegrond verklaard en het vonnis van de rechtbank vernietigd.