ECLI:NL:RVS:2015:2700
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging nihilstelling voorschot kinderopvangtoeslag 2008 en 2009 na onvoldoende bewijs betaling
Appellante heeft bezwaar gemaakt tegen de herziening van haar voorschotten kinderopvangtoeslag over 2008 en 2009, waarbij de Belastingdienst/Toeslagen deze voorschotten op nihil heeft gesteld wegens onvoldoende bewijs van betaling.
De rechtbank heeft het beroep van appellante ongegrond verklaard, omdat zij niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij de kosten daadwerkelijk heeft betaald. Appellante stelde contante betalingen te hebben gedaan en overhandigde kwitanties, maar kon deze niet staven met corresponderende bewijsstukken van geldopnames. Ook de aangifte inkomstenbelasting van de gastouder werd niet als bewijs erkend.
Appellante voerde diverse juridische bezwaren aan, waaronder een gebrek aan onafhankelijkheid van de Afdeling, het niet horen op bezwaren, en onjuiste toepassing van bevoegdheden tot herziening van voorschotten. Deze bezwaren werden verworpen. De Afdeling oordeelde dat de Belastingdienst/Toeslagen bevoegd was tot herziening en dat appellante onvoldoende bewijs had geleverd.
De Afdeling bevestigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de nihilstelling van de voorschotten kinderopvangtoeslag over 2008 en 2009 wordt bevestigd.