ECLI:NL:RVS:2015:2714
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en bevestiging bestemmingsplan Zuidrand met archeologische motivering
Bij besluit van 17 september 2013 stelde de raad het bestemmingsplan 'Zuidrand' vast, waarbij het bouwvlak voor een perceel in Barendrecht werd verschoven. Appellanten betwistten dit besluit wegens onvoldoende motivering van de verschuiving. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde in een tussenuitspraak dat het besluit in strijd was met artikel 3:46 Awb Pro en vernietigde het deel van het plan dat het bouwvlak betrof.
De raad stelde vervolgens op 17 februari 2015 het bestemmingsplan opnieuw vast, met een uitgebreide motivering dat het perceel een archeologisch rijksmonument betreft met bewoningssporen uit het laat Neolithicum. De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed stelde voorwaarden voor nieuwbouw om het bodemarchief te beschermen. De raad handhaafde het nieuwe bouwvlak vanwege technische beperkingen van funderingsmogelijkheden.
Appellanten voerden aan dat een brief van 1 maart 2011 ontbrak en dat alternatieve locaties mogelijk waren. De Afdeling oordeelde dat het ontbreken van de brief niet tot onvoldoende motivering leidde en dat appellanten geen concrete alternatieven hadden aangedragen. Ook het bezwaar dat bebouwing niet past binnen het groene karakter van het gebied faalde.
De Afdeling verklaarde het beroep tegen het oorspronkelijke besluit gegrond en vernietigde dat besluit voor het bouwvlak. Het beroep tegen het herziene besluit van 17 februari 2015 werd ongegrond verklaard. De raad werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan appellanten.
Uitkomst: Het oorspronkelijke bestemmingsplan werd vernietigd voor het bouwvlak, het herziene plan met archeologische motivering werd bevestigd.