ECLI:NL:RVS:2015:2738
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- N. Verheij
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake ongewenstverklaring vreemdeling
Bij besluit van 16 mei 2013 wees de staatssecretaris het verzoek van de vreemdeling om opheffing van zijn ongewenstverklaring af. De vreemdeling maakte bezwaar, dat ongegrond werd verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit. De staatssecretaris stelde hiertegen hoger beroep in, evenals de vreemdeling incidenteel.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het hoger beroep van de staatssecretaris ontvankelijk en kennelijk gegrond is, omdat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat de staatssecretaris het besluit onvoldoende had gemotiveerd. De Afdeling stelde vast dat de vreemdeling als partner van een EU-burger rechtmatig in België verblijft en dat de Terugkeerrichtlijn daarom niet op hem van toepassing is.
Het incidenteel hoger beroep van de vreemdeling werd kennelijk ongegrond verklaard. De Afdeling vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep van de staatssecretaris gegrond, terwijl het beroep van de vreemdeling ongegrond wordt verklaard.