ECLI:NL:RVS:2015:2739
Raad van State
- Hoger beroep
- A.B.M. Hent
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank over vrijheidsontnemende maatregel vreemdeling
De vreemdeling kreeg op 18 juni 2015 een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd, die later werd voortgezet. De rechtbank Den Haag verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond voor zover het de plaatsing in de wachtruimte betrof en kende haar schadevergoeding toe, maar verklaarde het beroep voor het overige ongegrond.
De vreemdeling ging hiertegen in hoger beroep bij de Raad van State. Het hogerberoepschrift voldeed aan de formele vereisten, maar bevatte geen nieuwe vragen die van belang waren voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of algemene rechtsbescherming.
De Raad van State oordeelde dat het hoger beroep kennelijk ongegrond was en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd op 21 augustus 2015 in het openbaar uitgesproken door de enkelvoudige kamer.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep van de vreemdeling kennelijk ongegrond.