ECLI:NL:RVS:2015:2745
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging besluit herziening voorschotten zorg- en huurtoeslag wegens onrechtmatig verblijf
De zaak betreft het hoger beroep van appellant tegen een uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland die het besluit van de Belastingdienst/Toeslagen vernietigde voor zover het voorschotten zorg- en huurtoeslag over de periode van onrechtmatig verblijf betrof. De Belastingdienst had de voorschotten voor 2013 herzien en gesteld op respectievelijk €442 en €694, waarbij werd aangenomen dat appellant van 1 september tot en met 31 december 2013 niet rechtmatig verbleef.
Appellant voerde aan dat zijn situatie bijzondere omstandigheden kende vanwege zijn verleden als kindsoldaat en de psychische gevolgen daarvan, waardoor het onthouden van toeslagen onredelijk zou zijn. De rechtbank oordeelde echter dat de Belastingdienst onvoldoende had gemotiveerd waarom de voorschotten voor de periode van onrechtmatig verblijf geheel werden onthouden, maar handhaafde de rechtsgevolgen van het besluit omdat de omstandigheden niet zodanig bijzonder waren dat het middel onevenredig was.
In hoger beroep bevestigde de Afdeling dat het onderscheid in artikel 10, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000 een legitiem doel dient en dat het middel van nihilstelling proportioneel is. De door appellant aangevoerde medische en psychische omstandigheden waren niet zodanig dat de Belastingdienst onrechtmatig handelde. Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel werd verworpen omdat de vergelijkbare situatie niet gelijkwaardig was. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.