ECLI:NL:RVS:2015:2748
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit Belastingdienst over kinderopvangtoeslag 2009 wegens zorgvuldigheidsgebrek
De zaak betreft het hoger beroep van een appellant tegen de Belastingdienst/Toeslagen inzake de herziening van voorschotten kinderopvangtoeslag over 2008 en 2009. De Belastingdienst stelde de toeslag voor 2008 en 2009 op nihil en vorderde teveel betaalde voorschotten terug. De appellant trok het hoger beroep voor 2008 in, zodat alleen het geschil over 2009 resteerde.
De rechtbank had het beroep van appellant ongegrond verklaard, omdat zij onvoldoende had aangetoond dat zij kosten had gemaakt voor gastouderopvang in 2009. De appellant stelde dat zij maandelijks contant betaalde aan de gastouder, haar schoonmoeder, en dat facturen of kwitanties niet werden verstrekt. De Afdeling oordeelde dat de Belastingdienst niet had gevraagd om een specificatie van de kosten die bij appellant in rekening waren gebracht, hetgeen vereist is om te beoordelen of alle kosten waren voldaan.
Hierdoor was het besluit van 9 april 2014 niet met de vereiste zorgvuldigheid voorbereid, in strijd met artikel 3:2 Awb Pro. De Afdeling vernietigde het bestreden besluit voor zover het 2009 betreft, verklaarde het beroep gegrond en stelde dat de rechtsgevolgen van het besluit in stand blijven omdat appellant geen bewijs van de totale kosten kon overleggen. Tevens werd het betaalde griffierecht aan appellant vergoed.
Uitkomst: Het besluit van de Belastingdienst over de kinderopvangtoeslag 2009 wordt vernietigd wegens schending van het zorgvuldigheidsbeginsel, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.