ECLI:NL:RVS:2015:2761
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening voorschot huurtoeslag wegens medebewoning volgens GBA
De Belastingdienst/Toeslagen heeft het voorschot huurtoeslag voor 2012 en 2013 aan appellant herzien en op nihil gesteld, omdat volgens de GBA een medebewoner op hetzelfde adres was ingeschreven. Appellant betwistte dit en voerde aan dat de medebewoner feitelijk niet op het adres woonde, maar slechts huurder was van de woning.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. In hoger beroep bevestigde de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State dit oordeel. De Raad overwoog dat de wetgeving de inschrijving in de GBA als bepalend aanmerkt voor het toekennen van huurtoeslag, tenzij de onjuiste inschrijving niet aan de huurder kan worden toegerekend.
Appellant kon onvoldoende bewijs leveren dat de inschrijving onjuist was, omdat de overgelegde correspondentie onvoldoende was en niet voldeed aan de eis van officiële en verifieerbare stukken. Daarom was het oordeel van de Belastingdienst en rechtbank dat sprake was van medebewoning terecht. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Hoger beroep ongegrond verklaard; herziening voorschot huurtoeslag bevestigd wegens juiste aanmerking medebewoner volgens GBA.