ECLI:NL:RVS:2015:2795
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- R. van der Spoel
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit staatssecretaris inzake afwijzing verblijfsvergunning regulier
De vreemdeling diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd, welke door de staatssecretaris op 18 maart 2013 werd afgewezen. Na een ongegrond verklaard bezwaar op 8 augustus 2013 en een uitspraak van de voorzieningenrechter van 22 augustus 2013 die het bezwaar eveneens ongegrond verklaarde, werd het beroep tegen het bezwaarbesluit door de rechtbank op 29 januari 2015 niet-ontvankelijk verklaard.
De vreemdeling stelde hoger beroep in tegen deze niet-ontvankelijkverklaring. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat het beroep niet-ontvankelijk was, omdat het besluit van 8 augustus 2013 abusievelijk was genomen en de voorzieningenrechter niet bevoegd was op het bezwaar te beslissen nadat de staatssecretaris al had beslist.
De Afdeling vernietigde daarom de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep gegrond. Tevens vernietigde zij het besluit van 8 augustus 2013, waarbij de staatssecretaris het bezwaar ongegrond verklaarde. De staatssecretaris hoeft geen nieuw besluit te nemen op het bezwaar. Tot slot werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en het betaalde griffierecht aan de vreemdeling.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt gegrond verklaard en het besluit van de staatssecretaris van 8 augustus 2013 wordt vernietigd.