ECLI:NL:RVS:2015:2839
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.G.J. Parkins-de Vin
- B.J. van Ettekoven
- J.W. van de Gronden
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestemmingsplan Stad Appingedam wegens onvoldoende motivering geluid- en stofhinder
De raad van de gemeente Appingedam stelde op 19 juni 2013 het bestemmingsplan "Stad Appingedam" vast. Hiertegen stelden meerdere appellanten beroep in, onder meer tegen de bestemming "Bedrijventerrein - 3" en de wijzigingsbevoegdheden voor gronden langs het Eemskanaal en op het bedrijventerrein Fivelpoort.
Appellant sub 3 vreesde geluid- en stofhinder door intensivering van laad- en losactiviteiten op de kade, waarbij de richtafstanden uit de VNG-brochure niet werden gehaald. Het geluidscherm voldeed volgens het akoestisch rapport niet aan de vereiste hoogte, waardoor de Afdeling oordeelde dat de afwijking van richtafstanden onvoldoende was gemotiveerd. Ook de wijzigingsbevoegdheid voor verplaatsing en uitbreiding van de kade werd vernietigd wegens strijd met de Algemene wet bestuursrecht.
Appellanten sub 1B en 2 maakten bezwaar tegen de wijziging van de geluidzone en de toekenning van een hogere milieucategorie aan het bedrijf van [bedrijf] B.V., stellende dat dit in strijd was met een goede ruimtelijke ordening en het woon- en leefklimaat aantastte. De Afdeling oordeelde dat het besluit onvoldoende gemotiveerd was, maar handhaafde de rechtsgevolgen vanwege de ligging in een gezoneerd industrieterrein en het bestaan van hogere waardenbesluiten.
De Afdeling veroordeelde de gemeente tot vergoeding van proceskosten en stelde een termijn van 26 weken voor het nemen van een nieuw besluit met inachtneming van de uitspraak. De beroepen werden gegrond verklaard en het besluit gedeeltelijk vernietigd.
Uitkomst: Het bestemmingsplan Stad Appingedam wordt gedeeltelijk vernietigd wegens onvoldoende motivering van geluid- en stofhinder; de gemeente moet binnen 26 weken een nieuw besluit nemen.