ECLI:NL:RVS:2015:2967
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging omgevingsvergunning voor afwijking bouwhoogte bijgebouw ondanks bestemmingsplan
Het college van burgemeester en wethouders van Oostzaan verleende op 17 december 2013 een omgevingsvergunning aan belanghebbende voor het wijzigen van een bijgebouw op zijn perceel, waarbij de bouwhoogte van het bijgebouw de maximale hoogte volgens het bestemmingsplan overschrijdt. Appellant, eigenaar van een aangrenzend perceel, stelde beroep in tegen deze vergunning en voerde aan dat het college onrechtmatig had gehandeld door de vergunning te verlenen kort na de vaststelling van het bestemmingsplan en dat de afwijking onaanvaardbaar was.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de appellant stelde hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling oordeelde dat het college bevoegd was om op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) af te wijken van het bestemmingsplan en dat het bestemmingsplan zelf geen belemmering vormde voor het verlenen van de vergunning. Ook werd geoordeeld dat het college het juiste peil had gehanteerd voor de bouwhoogte en dat de ruimtelijke onderbouwing van de afwijking voldoende was.
Verder werd het bezwaar van appellant dat het bijgebouw het woon- en leefgenot zou beperken en het zicht zou ontnemen, verworpen. Ook het welstandsadvies, waarop het college zich had gebaseerd, werd als voldoende gemotiveerd beoordeeld. De Afdeling bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt de vergunningverlening en wijst het hoger beroep af.