ECLI:NL:RVS:2015:2992
Raad van State
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhaving en kosten bestuursdwang voor niet-agrarisch gebruik perceel in Lunteren
Het college van burgemeester en wethouders van Ede legde aan appellant een last onder bestuursdwang op om het niet-agrarische, bedrijfsmatige gebruik van zijn perceel in Lunteren te beëindigen, omdat dit in strijd was met het bestemmingsplan "Agrarisch Buitengebied Ede 2012". Appellant voerde aan dat zijn gebruik als kleinschalige bedrijfsactiviteit was toegestaan en dat het overgangsrecht van toepassing was, maar slaagde hier niet in.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State bevestigde deze uitspraak. Tevens werd het beroep tegen het besluit van het college om de kosten van bestuursdwang (€ 2.209,76) bij appellant in rekening te brengen, ongegrond verklaard. Appellant voerde aan dat hij niet verantwoordelijk was voor de kosten van het plaatsen en onderhouden van betonblokken, maar de Afdeling oordeelde dat deze kosten redelijk en noodzakelijk waren.
De Afdeling overwoog dat het gebruik van het perceel niet als agrarisch of kleinschalig bedrijfsmatig gebruik kon worden aangemerkt, dat het gebruik niet in de woning plaatsvond en dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat het overgangsrecht van toepassing was. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de kosten van bestuursdwang werden bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep tegen de handhavingsmaatregel en het beroep tegen de kosten van bestuursdwang worden ongegrond verklaard.