ECLI:NL:RVS:2015:2998

Raad van State

Datum uitspraak
23 september 2015
Publicatiedatum
23 september 2015
Zaaknummer
201404485/2/A2
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:75a AwbArt. 8:75 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vergoeding proceskosten na intrekking beroep tegen subsidieherzieningsbesluit Zorginstituut Nederland

Stichting RutgersStimezo zuid Nederland stelde bij brief van 30 mei 2014 beroep in tegen een besluit van Zorginstituut Nederland van 22 april 2014 betreffende subsidie. Naar aanleiding van een tussenuitspraak nam de stichting een nieuw besluit. Vervolgens herzag het Zorginstituut op 27 juli 2015 het subsidiebedrag voor 2012 en verhoogde dit met €4.772,00, waarmee het geheel aan de stichting tegemoetkwam.

De stichting trok daarop bij brief van 31 juli 2015 het beroep in en verzocht de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State om het Zorginstituut te veroordelen tot vergoeding van de proceskosten die de stichting had gemaakt. Het Zorginstituut reageerde op dit verzoek.

De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het verzoek tot proceskostenvergoeding op grond van artikel 8:75a Awb toewijsbaar was, omdat het bestuursorgaan geheel aan de indiener van het beroepschrift was tegemoetgekomen. De Raad van State veroordeelde Zorginstituut Nederland tot vergoeding van €1.268,04 aan proceskosten, waarvan €1.225,00 betrekking had op beroepsmatige rechtsbijstand door een derde.

De uitspraak werd op 23 september 2015 in het openbaar uitgesproken door voorzitter Slump en leden Bijloos en Pans, in aanwezigheid van griffier Poot.

Uitkomst: Zorginstituut Nederland wordt veroordeeld tot vergoeding van €1.268,04 aan proceskosten aan Stichting RutgersStimezo zuid Nederland.

Uitspraak

201404485/2/A2.
Datum uitspraak: 23 september 2015
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak op het verzoek van:
de stichting Stichting RutgersStimezo zuid Nederland, gevestigd te Eindhoven,
verzoekster,
om proceskostenveroordeling in geval van intrekking van het beroep (artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht; hierna: Awb).
Procesverloop
Bij brief van 30 mei 2014 heeft de stichting beroep ingesteld tegen een besluit van Zorginstituut Nederland van 22 april 2014.
Bij brief van 31 juli 2015 heeft de stichting het beroep ingetrokken en de Afdeling verzocht het Zorginstituut te veroordelen in de bij haar opgekomen proceskosten.
Desgevraagd heeft de stichting het verzoek schriftelijk nader toegelicht.
Het Zorginstituut heeft een reactie ingediend.
Overwegingen
1. Ingevolge artikel 8:75a, eerste lid, van de Awb kan, in geval van intrekking van het beroep omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift is tegemoetgekomen, dat bestuursorgaan bij afzonderlijke uitspraak in de proceskosten als bedoeld in artikel 8:75 van Pro die wet worden veroordeeld.
2. De stichting heeft naar aanleiding van de opdracht in de tussenuitspraak op 4 mei 2015 een nieuw besluit genomen. Het Zorginstituut heeft dit besluit bij besluit van 27 juli 2015 herzien en het bedrag waarmee de subsidie voor het jaar 2012 wordt verhoogd vastgesteld op € 4.772,00. Hiermee is het Zorginstituut in voormelde zin geheel aan de stichting tegemoetgekomen.
3. Het verzoek dient op na te melden wijze te worden toegewezen.
Beslissing
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
veroordeelt Zorginstituut Nederland tot vergoeding van bij Stichting RutgersStimezo zuid Nederland in verband met de behandeling van het beroep opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 1.268,04 (zegge: twaalfhonderdachtenzestig euro en vier cent), waarvan € 1.225,00 is toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Aldus vastgesteld door mr. D.A.C. Slump, voorzitter, en mr. A.W.M. Bijloos en mr. R.J.J.M. Pans, leden, in tegenwoordigheid van mr. M.R. Poot, griffier.
w.g. Slump w.g. Poot
voorzitter griffier
Uitgesproken in het openbaar op 23 september 2015
362-809.