ECLI:NL:RVS:2015:3031
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluiten inzake verstrekking documenten over uitwijzing familieleden na WOII
Appellante heeft het college van burgemeester en wethouders van Kerkrade verzocht om documenten op grond van de Wet openbaarheid van bestuur betreffende de uitwijzing van haar familieleden na de Tweede Wereldoorlog, waaronder persoonskaarten en stukken over de voorbereiding en uitvoering van deze uitwijzing.
Het college verstrekte aanvankelijk niet alle gevraagde persoonskaarten en verklaarde bezwaar ongegrond. De rechtbank Limburg verklaarde het beroep van appellante gegrond en vernietigde het besluit van het college deels, maar beperkte het geschil tot enkele persoonskaarten. Appellante stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat het college ten onrechte het bezwaar tegen de brief van 3 oktober 2012 ongegrond heeft verklaard, omdat deze brief geen besluit in de zin van de Awb is. Verder vernietigt de Afdeling de besluiten van het college van 23 mei en 22 augustus 2013 en verklaart het hoger beroep voor het overige gegrond. Het college wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en het betaalde griffierecht.
De Afdeling verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk voor zover het betrekking heeft op reeds verstrekte persoonskaarten en vernietigt de eerdere uitspraak van de rechtbank Limburg. De zaak wordt daarmee in het voordeel van appellante beslist.
Uitkomst: De besluiten van het college worden vernietigd en het college wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.