ECLI:NL:RVS:2015:3061
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.D.M. van Diepenbeek
- R.J.J.M. Pans
- J.W. van de Gronden
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit voorlopige aanwijzing Hertogin Hedwigepolder als Habitatrichtlijngebied wegens gebrekkige motivering
De staatssecretaris van Economische Zaken had bij besluit van 10 februari 2014 het gebied Hertogin Hedwigepolder voorlopig aangewezen als speciale beschermingszone op grond van de Natuurbeschermingswet 1998 en de Habitatrichtlijn. Tegen dit besluit werd bezwaar gemaakt en later beroep ingesteld door meerdere appellanten.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde in een tussenuitspraak dat de motivering van het besluit gebrekkig was omdat niet was aangetoond dat sprake was van een dringende noodzaak voor de aanwijzing. De staatssecretaris werd opgedragen dit gebrek binnen 12 weken te herstellen, maar deze termijn verstreek zonder herstel.
Daarom oordeelt de Afdeling dat het bestreden besluit in strijd is met artikel 3:46 van Pro de Algemene wet bestuursrecht en vernietigt het besluit. Tevens wordt de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierechten aan de appellanten.
De uitspraak benadrukt het belang van een deugdelijke motivering bij bestuursrechtelijke besluiten die ingrijpende gevolgen hebben voor belanghebbenden en bevestigt de rechtsbescherming van burgers tegen gebrekkige bestuursbesluiten.
Uitkomst: Het besluit tot voorlopige aanwijzing van de Hertogin Hedwigepolder als speciale beschermingszone wordt vernietigd wegens gebrekkige motivering.