ECLI:NL:RVS:2015:3084
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- H. Troostwijk
- A.B.M. Hent
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake afwijzing verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie wees op 23 juli 2013 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd af. De vreemdeling maakte bezwaar, dat ongegrond werd verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen het bezwaar gegrond en bepaalde dat de staatssecretaris een verblijfsvergunning zou verlenen.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak behandelde het geschil waarbij de staatssecretaris betoogde dat de vreemdeling zijn identiteit en nationaliteit onvoldoende aannemelijk had gemaakt en dat hij niet voldeed aan de voorwaarden voor vrijstelling van het mvv-vereiste, noch slachtoffer was van mensenhandel.
De Afdeling oordeelde dat de staatssecretaris zich in redelijkheid op deze standpunten kon stellen, onder meer vanwege het ontbreken van bewijsstukken en het feit dat de vreemdeling onvoldoende inzicht gaf in zijn identiteit. De Afdeling vernietigde daarom de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond.
De Afdeling wees ook het bezwaar van de vreemdeling tegen het besluit van 9 december 2013 af, en zag geen aanleiding tot proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard.